Bookmark and Share

Preek op 16-09-2018, 24e zondag door het jaar B, diaken Eelke Ligthart

22-09-2018
Home >>

OPENINGSWOORD

Allemaal van harte welkom bij de viering van de H. Eucharistie op de 24e Zondag door het jaar.

Vandaag horen we in het Evangelie dat het er op lijkt dat de onstuimige Petrus weer een hoofdrol moet spelen. Op de vraag van Jezus: “Wie zegt gij dat ik ben” antwoord Petrus: “Gij zijt de Christus”. De leerlingen mogen er echter niet over spreken en Jezus legt uit dat Hij veel zal moeten lijden en ter dood zal worden gebracht, maar na drie dagen zal hij verrijzen. Petrus heeft blijkbaar andere gedachten en wordt terecht gewezen door Jezus. Menselijke overwegingen zijn niet de wegen van God. Hoe vaak hebben wij niet moeite om de weg van Jezus te volgen, om zijn weg te gaan. En toch houdt Hij van ons, ondanks onze gebreken. Onze naam staat geschreven in zijn hand en Hij kent ons dus bij onze naam.

PREEK

In het evangelie van Marcus, dat we zojuist hoorden, lijkt Petrus een hoofdrol te willen spelen. Wat is die Petrus toch een wonderlijk figuur. Hij lijkt mij een type van: Grote mond, klein hartje. Overmoedig en enthousiast probeert hij op een andere plaats in de bijbel, over het water naar Jezus toe te lopen. Maar Jezus moet hem bij de hand nemen, anders verdrinkt hij. Als Jezus hem de voeten wil wassen, witte donderdag, zegt Petrus: “ Nooit zult Gij mij de voeten wassen”. Maar als Jezus dan zegt: “Als jij je door mij niet laat wassen, dan kun je niet samen met mij zijn”. En Petrus draait dan om als een blad aan de boom: “Heer dan maar helemaal, voeten handen en hoofd. Het lijkt op alles of niets.

Petrus speelt vaak een hoofdrol en dat is vandaag niet anders.

Hij is het, die belijdt dat Jezus de Messias is, de Christus, de zoon van de levende God. Een geloofsbelijdenis met een zware lading, met een diepe betekenis, maar ook met grote gevolgen. Een zware lading die Petrus zelf niet helemaal schijnt te beseffen. Het wordt hem pas duidelijk als Jezus hem de consequenties vertelt: De mensenzoon zal moeten lijden, ze zullen hem ter dood brengen en drie dagen later zal hij verrijzen. Maar dat had Petrus niet met de Messias voor. Petrus wilde eer en roem voor Jezus, een aards koninkrijk. Maar Jezus heeft het over lijden en dood, Hij is niet de koning van de menselijke gedachten. Jezus wil koning zijn voor mensen die niets hebben, koning van vluchtelingen, van naamlozen. Hij nodigt zijn leerlingen en ook ons uit om je kruis op te nemen en hem te volgen. Maar Petrus kan dit niet aanhoren en neemt Jezus appart om hem daar ernstig over te onderhouden zo staat er. Maar Jezus pakt Petrus streng aan: Ga weg Satan, terug, je moet je niet laten leiden door wat de mens wil, maar laat je leiden door wat God wil. Zo staat Petrus in vuur en vlam en zo laat hij het afweten.

Toch wordt hij de leider van de apostelen. Vreemd zou je zeggen. Waarom niet een apostel die standvastiger is en begaafd? Waarom zo’n opgewonden man als Petrus, waarom koos Jezus juist hem uit?

Je weet het natuurlijk niet. Petrus lijkt niet de ideale bestuurder, de ideale leider, maar hij heeft wel iets belangrijks: Hij heeft liefde, hij is vol van Jezus. Hij maakt fouten, zegt verkeerde dingen, maar hij komt steeds terug bij Jezus met heel zijn hart.

Petrus noemt Jezus de Christus, in het Hebreeuws, de Messias. We kunnen dit vertalen met de Gezalfde.

Het verlangen in het Joodse volk naar de Messias is hetzelfde verlangen, dat mensen door alle eeuwen heen hebben gehad. Ook nu kijken wij uit naar de dag dat alle leed is geleden en het kwaad is vergeten.

In de Joodse godsdienst uitte zich dat in het verlangen, dat op een dag de Messias zou komen, de man van God. Want zijn rijk zou werkelijk vrede brengen op aarde. Eigenlijk zegt Petrus; Met Jezus is dat rijk van vrede begonnen.

Datzelfde begin van vrede kunnen in onszelf terugvinden, wij mensen zijn zo slecht nog niet. Toegegeven, als je alle berichten via TV en kranten leest ziet het er meestal triest uit. Maar tegelijkertijd moet je zeggen, en kun je ontdekken dat er heel veel goede mensen zijn. Wij hebben wel onze zwakheden, maar de goede kanten overheersen in de meeste gevallen. Eigenlijk lijken we wel een beetje op Petrus. We willen het graag heel goed doen, maar soms lukt het niet. Soms zijn we bang en laten we ons meeslepen met het negativisme van sommige mensen om ons heen en zien dan alleen die dingen die niet goed zijn. Belangrijker is het te kijken naar de dingen die wel goed zijn. Tekenen van hoop in kerk en wereld.

God kijkt toch ook niet alleen naar onze zwakheden. God kijkt net als Jezus naar ons hart. Hij ziet naar de richting die we willen gaan, ook al wijken we daar regelmatig van af. God heeft al wat goed is in ons hart gelegd. Hij leert ons liefhebben.

Petrus schreef, toen hij rondtrok na de dood en verrijzenis van Jezus enkele brieven. In een van die brieven staat een zin, die ik ieder van u zou willen meegeven. Zeker aan degenen die zich wel eens afvragen: “Ben ik wel goed genoeg”? Petrus schrijft daarin: “Maar heb vooral vurige liefde tot elkaar, want de liefde zal een menigte van zonde bedekken”. Het is een zin die precies laat zien, dat God niet in de eerste plaats naar onze zonden kijkt, maar in de eerste plaats naar ons hart.

Jezus zocht Petrus niet uit omdat hij volmaakt was, een man op wie niets was aan te merken. Petrus werd door Jezus uitgezocht, omdat hij in Petrus die vurige liefde zag, maar ook kwetsbaarheid. Twee redenen om Petrus tot rots te kiezen, een mens op wie je kunt bouwen.

Mensen, we kunnen en hoeven niet perfect te zijn. God houdt van ons omdat we soms ook breekbaar en kwetsbaar zijn. We zijn zijn kinderen met een hart vol liefde. Openen we ons hart om die liefde uit te dragen. Amen.

Terug

Commentaren

No comment found

Toevoegen commentaar