Bookmark and Share

Cecilia

Cecilia woont in Rome. Ze is van heel deftige familie. Wanneer ze op straat loopt groeten de mensen haar eerbiedig. De jongemannen kijken stiekem naar haar. Wie zou ooit de gelukkige zijn, die met haar zou mogen trouwen? Niemand van de mensen weet, dat Cecilia al lang getrouwd is. Niet zomaar met een jongeman. Nee, Cecilia heeft haar leven aan God gegeven. Jezus is haar Bruidegom. Ze wil van Hem alleen zijn. Als de mensen dat geweten hadden, zouden ze niet meer zo vriendelijk en eerbiedig hebben gegroet. Ze zouden schuw langs Cecilia heengelopen zijn. Want je mag in Rome niet van God houden.De Romeinen mogen alleen maar van hun" keizer houden en hem behandelen als een god.

Maar nu weet niemand dat Cecilia van God houdt. Dat weet ook Valerianus niet. Valerianus is een rijke en knappe man. Hij vraagt aan de ouders van Cecilia of hij met hun dochter mag trouwen. Cecilia wil helemaal niet trouwen, maar de ouders vinden Valerianus heel geschikt voor hun dochter. Dus gaat de bruiloft door. Het zal wel een prachtig feest geweest zijn, met al die voorname gasten in hun mooiste kleren. Toch is Cecilia niet blij. Wanneer alle gasten weg zijn, vertelt Cecilia aan haar man, dat ze zich al helemaal aan Jezus heeft gegeven. Valerianus schrikt daarvan. Wat heeft hij nu voor een meisje ge trouwd? Dan vertelt Cecilia nog iets bijzonders. Ze heeft een engel bij zich die haar altijd beschermt. Valerianus zal die engel kunnen zien, als hij eerst naar de paus gaat en zich laat dopen. Nu laat Valerianus zien, dat hij echt van Cecilia houdt. Hij gaat naar de paus en laat zich dopen. En dat, terwijl dat zo gevaarlijk is. Dan ziet hij ook de engel die altijd bij Cecilia is om haar te beschermen. Va1erianus is daar zo van onder de indruk, dat hij met zijn broer gaat praten. Deze broer heet Tiburtius. En wat niemand voor mogelijk heeft gehouden gebeurt: ook Tiburtius laat zich dopen. Je kunt je voorstellen hoe blij Cecilia is. Nu heeft ze echte familie in Rome, haar man en haar schoonbroer. Want deze mannen zijn nu ook kinderen van God, net als Cecilia zelf.

De blijdschap zal echter niet lang duren. De mensen komen er achter dat de broers christen zijn geworden. Ze worden voor de rechtbank gesleept en al heel vlug daarna 'moeten ze de marteldood sterven.

En nu komt ook Cecilia aan de beurt. Men zal haar in een badhuis verbranden. Want Cecilia heeft volgens de mensen iets heel ergs gedaan. Het geld en alles wat haar man en haar schoonbroer aan rijkdom bezaten heeft Cecilia verkocht en het geld aan de armen gegeven. Dat geld had ze natuurlijk aan de keizer moeten geven. Daarom zal ze nu levend worden verbrand.


Veel mensen komen kijken. Daar gaan de eerste vlammen al omhoog. Maar wat gebeurt er nu? De mensen geloven hun ogen niet. De vlammen gaan niet naar Cecilia. Het is net alsof iemand die vlammen tegenhoudt. Nu, dat is ook zo. Er is immers een engel die Cecilia beschermt. Veel mensen gaan nadenken over wat ze hebben gezien. Zouden sornmigen misschien hebben ontdekt, dat de God van Cecilia een machtige God is?

Zouden de beulen en de rechters ook gaan nadenken over wat ze hebben gezien? Nee hoor, die haten Cecilia alleen nog maar meer. Ze nemen grote bijlen en slaan daarmee op het lichaam van Cecilia. Ze blijft halfdood op de grond liggen. Goede mensen nemen haar mee. Cecilia heeft veel pijn, maar ze klaagt niet. Zo leeft ze nog drie dagen. Toen is ze gestorven, en nu is ze samen met haar man en haar schoonbroer voor eeuwig gelukkig bij God.

Cecilia is de patrones van de zangkoren en ook van veel harmonieën en fanfares. We vieren haar feest op 22 november.

Grote God, de heilige Cecilia heeft van U veel gehouden. Ze wilde helemaal van U zijn. Daarom durfde ze dapper te sterven, uit liefde tot U. Leer ook ons veel van U houden en net zo trouw in U te geloven, ook als dat soms moeilijk is. Dan zullen we ook eens gelukkig zijn bij U in de hemel. Amen.