Bookmark and Share

preek op vrijdag 07-12-2012, in de 1e week van de advent, pastoor Frank Domen

OPENINGSWOORD

Vandaag viert de Kerk de heilige bisschop en kerkleraar, Ambrosius. Hij werd omstreeks 340 te Trier uit Romeinse ouders geboren. Na zijn studies te Rome begon hij zijn ambtelijke loopbaan te Sirmium. Toen hij zich in 374 te Milaan bevond, werd hij onverwacht tot bisschop van die stad gekozen en op 7 december gewijd. Met grote nauwgezetheid vervulde hij zijn taak en getuigde van een grote liefde voor allen zonder onderscheid. Hij was een goede herder en geloofsverkondiger. Krachtig verdedigde hij de rechten van de Kerk. In woord en geschrift toonde hij zich een verdediger van het geloof tegen de Arianen, de ketters, die de godheid van Jezus ontkenden. Hij stierf op Paaszaterdag 4 april 397.

PREEK

Tegen twee blinden, die genezen worden, zegt Jezus, dat zij aan niemand iets mogen vertellen.

Deze beide mensen konden met hun lichamelijke ogen niet zien, maar hun geestelijke ogen waren al aan het genezen. Door Jezus aan te roepen met de titel ' Zoon van David' gaven zij er blijk van in te zien, dat Jezus geen gewone man was. Zonder te aarzelen riepen zij om barmhartigheid. Zij verkondigden met grote stelligheid, dat Jezus hen kon genezen en even later werden inderdaad hun ogen door Hem geopend.

Jezus klonk anders dan andere mensen, die zij tot nu toe hadden gehoord. Zijn woorden gaven hen hoop en vrede. Zij werden er diep in hun hart door geraakt. Hij sprak over de schatten in de hemel, over een Vader die in hun harten kon kijken en die zich verheugde over hun nederigheid. Misschien - dachten zij - was Hij wel de Messias!

Jezus wist, dat als Hij mensen genas en onderwees, dat zijn woord zich zou verspreiden. Maar dat zou ook met zich meebrengen, dat vele mensen zijn woorden niet goed zouden begrijpen en niet zouden inzien waarom Hij was gekomen. Sommige mensen waren op zoek naar een soort politieke redder, die een gewelddadige opstand tegen Rome zou leiden. Anderen waren op zoek naar een persoonlijke bevrijder, die hun leven meer comfortabel zou maken. En weer anderen waren op zoek naar een ideologische leider, die hun manier van lezen van de Wet van Mozes zou onderschrijven en die iedereen die dat niet deed, onderuit zou halen. En zelfs zijn apostelen begrepen niet altijd zijn missie. Daarom is het niet zo verwonderlijk, dat Jezus de twee genezen blinden vroeg om niet over het wonder te spreken.

Vandaag de dag worden wij met een soortgelijke uitdagingen geconfronteerd. Sommige mensen zullen zeggen, dat zij door God zijn gezegend als hun bezittingen zijn toegenomen. Andere mensen bidden alleen maar als zij in een crisis verkeren. Weer andere mensen zien Jezus als degene, die uiteindelijk wraak zal nemen op hun vijanden, al is het maar op de Dag van het Laatste Oordeel.

Het is goed om te weten, dat Jezus nu niet meer wil dat wij zwijgen! Hij wil dat wij - omdat wij de heilige Geest hebben ontvangen - het evangelie zoveel mogelijk en zo luid en duidelijk mogelijk verkondigen. Hij wil, dat wij iedereen om ons heen vertellen wat voor een Messias Hij is. Hij is onze Heiland en Verlosser. Hij is onze Vriend en Broeder. Hij is de Weg naar de hemel voor allen die in Hem geloven. Zoals Hij de blinden, die tot Hem riepen, had genezen, zo antwoordt Hij iedereen, die tot Hem roept.

Laten wij er in deze heilige adventstijd een speerpunt van maken om iedereen te vertellen over de wonderen van God!