Bookmark and Share

1e zondag van de vasten, jaar B

eerste lezing (Gen. 9, 8-15)

Uit het boek Genesis.
Dit zei God tot Noach en zijn zonen: “Nu ga Ik mijn verbond aan met u en met uw nageslacht en met alle levende wezens die bij u zijn, met de vogels en de viervoetige dieren, met alle dieren van de aarde die bij u zijn, met al wat uit de ark is gekomen, al het gedierte van de aarde. Ik ga met u een verbond aan dat nooit meer enig levend wezen door het water van de vloed zal worden uitgeroeid en dat er zich nooit meer een vloed zal voordoen om de aarde te verwoesten.” En God zei: “Dit is het teken van het verbond, dat Ik instel tussen Mij en u en alle levende wezens die bij u zijn, voor alle geslachten. Ik zet mijn boog in de wolken; die zal het teken zijn van het verbond tussen Mij en de aarde. Wanneer Ik op de aarde de wolken samenpak en de boog in de wolken zichtbaar wordt, dan zal Ik denken aan het verbond tussen Mij en u en alle levende wezens; alles wat leven heeft. De wateren zullen nooit meer zwellen tot een vloed om al wat leeft te verdelgen.”
Woord van de Heer.
Wij danken God.

tussenzang (Ps. 25/24)

Refrein:
De wegen van God zijn goed en betrouwbaar voor ieder die zijn verbond onderhoudt.

Wijs mij uw wegen, Heer, leer mij uw paden kennen. Leid mij volgens uw woord, want Gij zijt mijn God en Verlosser.

Gedenk uw barmhartigheid, Heer, uw altijd geschonken ontferming. Herinner u niet het kwaad van mijn jeugd, maar denk aan mij met erbarmen.

De Heer is goed en rechtschapen, daarom wijst Hij zondaars de weg. Hij leidt de geringe langs eerzame paden, Hij leert de eenvoudige wat hij moet doen.

tweede lezing (1 Petr. 3, 18-22)

Uit de eerste brief van de heilige apostel Petrus.
Broeders en zusters, Christus is eens voor al gestorven voor de zonden - de Rechtvaardige voor de onrechtvaardigen - om ons tot God te brengen. Gedood naar het vlees, werd Hij ten leven gewekt naar de geest. Zo ging Hij heen en predikte voor de geesten in de kerker, die eertijds, in de dagen dat Noach de ark bouwde, weerspannig waren geweest, terwijl God in zijn lankmoedigheid geduld oefende. In de ark bleven slechts enkelen, niet meer dan acht personen, behouden te midden van het water. Dit was een voorafbeelding van het doopwater waardoor gij nu gered wordt. De doop beoogt niet de verwijdering van lichamelijke onreinheid, maar de verbintenis met God van een goed geweten, krachtens de opstanding van Jezus Christus, die ten hemel gevaren, zetelt aan Gods rechterhand, nadat engelen en machten en krachten aan Hem onderworpen zijn.
Woord van de Heer.
Wij danken God.

vers voor het evangelie (Mt. 4, 4b)

Niet van brood alleen leeft de mens, maar van ieder woord dat uit de mond van God voortkomt.

evangelie (Mc. 1, 12-15)

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus.
Lof zij U, Christus.

In die tijd dreef de Geest Jezus naar de woestijn. Veertig dagen bracht Hij in de woestijn door, terwijl Hij door de satan op de proef werd gesteld. Hij verbleef bij de wilde dieren en de engelen bewezen Hem hun diensten. Nadat Johannes was gevangen genomen ging Jezus naar Galilea en verkondigde Gods Blijde Boodschap. Hij zei: “De tijd is vervuld en het Rijk Gods is nabij; bekeert u en gelooft in de Blijde Boodschap.”
Woord van de Heer.
Wij danken God.