Bookmark and Share

26 juli - HH. Joachim en Anna - ouders van de Maagd Maria

eerste lezing (Sir. 44, 1.10-15)

Uit het Boek Ecclesiasticus.
Laat ons beroemde mannen prijzen, de vaderen van wie wij afstammen. Het waren vrome mannen: hun rechtvaardige daden werden niet vergeten; met hun nageslacht blijft hun naam een goede erfenis zijn hun nakomelingen. Hun nageslacht houdt vast aan Gods verbond, en ook hun kinderen dank zij hen. Tot in eeuwigheid blijven zij bestaan, en hun roem wordt nooit meer uitgewist. Hun lichamen zijn in vrede begraven en hun naam blijft leven van geslacht op geslacht. Van hun wijsheid gewaagt de vergadering en de gemeente verkondigt hun lof.
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.

tussenzang (ps. 132/131)

Refrein:
De Heer schenkt Hem de troon van zijn vader David.

De Heer heeft David gezworen een eed die Hij nimmer breekt: een telg uit uw geslacht zal Ik op uw troon verheffen.

Want God heeft de Sion gekozen, haar als zijn zetel gewild: hier is mijn rustplaats voor eeuwig, hier zal Ik wonen, dit is mijn keus.

Daar zal voor David een hoorn ontspruiten, voor mijn gezalfde schijnt daar een licht; zijn vijanden zal Ik beschaamd doen staan, maar hij draagt mijn gloriekroon.

vers voor het evangelie (cf. Lc. 2, 25c)

Alleluia. Zij verwachtten de vertroosting van Israël, en de heilige Geest rustte op hen. Alleluia.

evangelie (Mt. 13, 16-17)

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs.
Lof zij U, Christus.

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: “Gelukkig úw ogen, omdat zij zien, en úw oren, omdat zij horen! Want voorwaar, Ik zeg u: vele profeten en rechtvaardigen hebben verlangd te zien wat gij ziet, maar zij hebben het niet gezien; en te horen wat gij hoort, maar zij hebben het niet gehoord.”
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.