Bookmark and Share

zevende week door het jaar 2, woensdag

eerste lezing (Jak. 4, 13-17)

Uit de brief van de heilige apostel Jakobus.
Broeders en zusters, gij die zegt: “Vandaag of morgen gaan wij naar die en die stad, wij zullen er een jaar doorbrengen en handel drijven en geld verdienen.” gij weet niet eens wat de dag van morgen u zal brengen! Wat is uw leven? Een nevel die een ogenblik verschijnt om weldra te verdwijnen. Gij zoudt moeten zeggen: “Als de Heer het wil, zullen wij in leven zijn en dit of dat doen.” In plaats daarvan bluft en snoeft ge vol overmoed; al die grootspraak is verkeerd. Wie goed zou kunnen doen, maar het nalaat, doet zonde.
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.

tussenzang (Ps. 49/48)

Refrein:
Zalig de armen van geest, want aan hen behoort het Rijk der hemelen (Mt 5, 3).

Luistert, volken, naar deze woorden, gij aardbewoners, wilt het verstaan; eenvoudige lieden, aanzienlijke heren, rijken en armen, wie ge ook zijt.

Waarom zou ik vrezen voor slechte tijden, wanneer ik door booswichten word belaagd? Door mensen die rekenen op hun rijkdom en die zich beroemen op hun bezit.

Er is toch geen mens die zich vrij kan kopen, zijn eigen losgeld betalen aan God? Te hoog is de prijs voor een eeuwig leven, nooit is er genoeg om de dood te ontgaan.

We zien dat ook wijzen eens moeten sterven, met dommen en dwazen gaan zij te niet. Zij moeten hun rijkdom aan vreemden laten, het graf zal voor altijd hun woning zijn.

vers voor het evangelie (Joh. 14, 23)

Alleluia. Als iemand Mij liefheeft, zal hij mijn woord onderhouden; mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem komen. Alleluia.

evangelie (Mc. 9, 38-40)

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus.
Lof zij U, Christus.

In die tijd zei Johannes tot Jezus: “Meester, we hebben iemand die ons niet volgt, in uw Naam duivels zien uitdrijven, en we hebben getracht het hem te beletten, omdat hij geen volgeling van ons was.” Maar Jezus zei: “Belet het hem niet, want iemand die een wonder doet in mijn Naam zal niet zo grif ongunstig over Mij spreken. Wie niet tegen ons is, is voor ons.”
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.