Bookmark and Share

vierendertigste week door het jaar 2, maandag

eerste lezing (Apok. 14, 1-3.4b-5)

Uit de Openbaring van de heilige apostel Johannes.
Ik, Johannes, zag toe en zie: daar stond het Lam op de berg Sion en met Hem honderdvierenveertigduizend. Die droegen zijn Naam en de Naam van zijn Vader op hun voorhoofd geschreven. En ik hoorde uit de hemel een geluid als het gedruis van vele wateren en het dreunen van de donder. En het geluid dat ik hoorde, was de klank van citerspelers, die op hun citers speelden. En zij zongen een nieuw lied vóór de troon en vóór de vier dieren en de oudsten. En niemand kon het lied leren dan alleen de honderdvierenveertigduizend vrijgekochten van de aarde. Zij volgen het Lam waarheen het ook gaat. Zij zijn vrijgekocht als de eerstelingen van de mensheid voor God en het Lam. En in hun mond is geen leugen gevonden: zij zijn zonder smet.
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.

tussenzang (Ps. 24/23)

Refrein:
Dit is het geslacht, dat zich richt tot de Heer.

Aan God hoort de aarde en al wat er op is, de aardschijf en al wat daar woont; want Hij heeft haar op het water gegrondvest, haar vastgelegd op de zee.

Wie zal beklimmen de berg van de Heer, wie in zijn heiligdom staan? Die rein is van handen en zuiver van hart, zijn zinnen niet zet op wat kwaad is, zijn evenmens niet bedriegt.

Hij zal door de Heer gezegend worden, beloond door God, zijn verlosser. Zo doet het geslacht dat zich richt tot Hem, dat staat voor het aanschijn van Jakobs God.

vers voor het evangelie (Mt. 24, 42a.44)

Alleluia. Weest waakzaam, want de Mensenzoon komt op het uur waarop Gij het niet verwacht. Alleluia.

evangelie (Lc. 21, 1-4)

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas.
Lof zij U, Christus.

In die tijd gebeurde het dat Jezus opkeek en zag hoe de rijken hun gaven in de offerkist wierpen, maar Hij zag ook een behoeftige weduwe, die er twee penningen inwierp. En Hij sprak: “Waarlijk, Ik zeg u: die arme weduwe heeft er het meeste van allen ingeworpen. Die mensen hebben allen iets van hun overvloed bij de gaven voor God geworpen, maar zij offerde van haar armoe alles waar ze van leven moest.”
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.