Bookmark and Share

dertiende week door het jaar 2, zaterdag

eerste lezing (Am. 9, 11-15)

Uit de Profeet Amos.
Zo spreekt de Heer: “Op die dag herstel Ik de bouwvallige hut van David, dicht Ik haar scheuren, zet Ik weer overeind wat is neergehaald en bouw Ik haar op als weleer. Wat er is overgebleven van Edom en van al de volken waarover mijn Naam is uitgeroepen, dat nemen zij dan in bezit” - zo luidt de godsspraak van de Heer, die dit voltrekt. “Zie de dagen komen - zegt de Heer - dat de ploeger de maaier op de voet volgt en de druiventreder de zaaier, dat de bergen stromen van de most en alle heuvels ervan druipen. Dan herstel Ik mijn volk Israël in zijn vroegere staat, dan herbouwen zij de verwoeste steden en bewonen die weer, dan planten zij wijngaarden en drinken hun wijn, leggen zij boomgaarden aan en eten hun vruchten. Ik zal hen planten in hun eigen grond en zij worden niet meer weggerukt uit de grond die Ik hun heb gegeven.” Zo spreekt de Heer, uw God.
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.

tussenzang (Ps. 85/84)

Refrein:
Aanhoren zal ik wat God tot mij zegt, voorzeker een woord van verzoening.

Aanhoren zal ik wat God tot mij zegt, voorzeker een woord van verzoening. Een woord voor zijn volk, voor alwie Hem dient, voor elk die zijn hart voor Hem opent.

Als trouw en erbarmen elkaar tegemoet gaan, als vrede en recht elkander omhelzen; dan zal de trouw uit de aarde ontspruiten, en ziet uit de hemel gerechtigheid neer.

Dan zal de Heer ons zijn zegen schenken en draagt ons land rijke vrucht. Dan zal voor Hem uit gerechtigheid gaan en voorspoed zijn schreden volgen.

vers voor het evangelie (Ps. 19/18)

Alleluia. Uw voorschriften, Heer, zijn betrouwbaar, onwetenden maken zij wijs. Alleluia.

evangelie (Mt. 9, 14-17)

De Heer zij met u.
En met uw Geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs.
Lof zij U, Christus.

Op zekere dag kwamen de leerlingen van Johannes tot Jezus met de vraag: “Waarom vasten wij en de Farizeeën wel, maar uw leerlingen niet?” Jezus sprak tot hen: “De vrienden van de bruidegom kunnen toch niet bedroefd zijn, zolang de bruidegom bij hen is? Er zullen dagen komen dat de bruidegom van hen is weggenomen; dan zullen zij vasten. Niemand gebruikt voor een oud kleed een verstellap van ongekrompen stof; want het ingezette stuk trekt aan het kleed en de scheur wordt nog groter. Ook doet men geen jonge wijn in oude zakken, anders bersten de zakken, de wijn loopt er uit en de zakken gaan verloren. Maar jonge wijn doet men in nieuwe zakken; dan blijven beide behouden.”
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.