Bookmark and Share

11e week door het jaar 2, woensdag

eerste lezing (2 Kon. 2, 1.6-14)

Uit het tweede Boek der Koningen.
Kort voordat de Heer Elia in een stormwind ten hemel zou opnemen, vertrok deze met Elisa uit Gilgal. Elia sprak tot Elisa: “Blijf hier, want de Heer zendt mij naar de Jordaan.” Elisa antwoordde: “Zowaar de Heer leeft en zowaar gij leeft: ik verlaat u niet.” Toen gingen zij samen verder. Vijftig leden van de profetengilde volgden hen, maar bleven op enige afstand staan, toen Elia en Elisa aan de Jordaan samen stilhielden. Nu nam Elia zijn mantel, rolde hem op en sloeg ermee op het water. Het water verdeelde zich naar links en rechts en beiden liepen door de droge bedding naar de overkant. Daar aangekomen zei Elia tot Elisa: “Doe een laatste verzoek, voordat ik van u word weggenomen.” Elisa antwoordde: “Geef mij een dubbel deel van uw geest.” Elia antwoordde: “Gij vraagt iets moeilijks, maar als ge mij zult zien, wanneer ik word opgenomen, zal uw bede verhoord worden; ziet ge mij niet, dan wordt uw bede niet verhoord.” Terwijl zij nu pratend verder gingen, kwam er opeens een wagen van vuur met paarden van vuur, die hen van elkaar scheidde, en in een stormwind werd Elia ten hemel opgenomen. Elisa zag het en riep uit: “Vader, vader, Israëls strijdwagens en zijn ruiterij!” Toen hij hem niet meer zag, greep hij zijn kleren en scheurde ze doormidden. Daarna raapte hij de mantel op, die Elia had laten vallen, keerde terug en bleef staan aan de oever van de Jordaan; hij nam de mantel van Elia, sloeg ermee op het water en riep uit: “Waar is de Heer dan toch, de God van Elia?” Weer sloeg Elisa op het water, en nu verdeelde het zich naar links en naar rechts, zodat hij kon oversteken.
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.

tussenzang (Ps. 31/30)

Refrein:
Schept moed en weest onverschrokken, gij allen die hoopt op de Heer.

Hoe groot zijn uw weldaden, Heer, die Gij hebt bestemd voor hen, die U vrezen. Gij schenkt ze aan ieder die tot U komt, voor alle mensen waarneembaar.

De glans van uw Aanschijn beschermt hem altijd als mensen zich tegen hem keren. Gij neemt hem op in uw tent, beschut tegen kwade tongen.

Bemint dan de Heer, al zijn vromen, de Heer behoedt alwie trouw blijft aan Hem. Maar wie zich in hoogmoed tegen Hem keert betaalt Hij met woeker terug.

vers voor het evangelie (Ps. 119/118, 27)

Alleluia. Leid mij op de weg van uw bevelen, Heer, dan zal ik uw daden indachtig zijn. Alleluia.

evangelie (Mt. 6, 1-6.16-18)

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs.
Lof zij U, Christus. 

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: “Denkt er om: beoefent uw gerechtigheid niet voor het oog van de mensen, om de aandacht te trekken; anders hebt gij geen recht op loon bij uw Vader, die in de hemel is. Wanneer gij dus een aalmoes geeft, bazuint het dan niet voor u uit, zoals de huichelaars doen in de synagoge en op straat, opdat zij door de mensen geprezen worden. Voorwaar, Ik zeg u: Zij hebben hun loon al ontvangen. Als gij een aalmoes geeft; laat uw linkerhand dan niet weten wat uw rechter doet, opdat uw aalmoes in het verborgene blijve; en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u vergelden. Wanneer gij bidt, gedraagt u dan niet als de schijnheiligen, die graag in de synagogen en op de hoeken van de straten staan te bidden om op te vallen bij de mensen. Voorwaar, Ik zeg u: Zij hebben hun loon al ontvangen! Maar als gij bidt, gaat dan in uw binnenkamer, sluit de deur achter u, en bidt tot uw Vader, die in het verborgene is; en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u vergelden. Wanneer gij vast, zet dan geen somber gezicht, zoals de schijnheiligen; zij verstrakken hun gezicht om de mensen te tonen, dat zij aan het vasten zijn. Voorwaar, Ik zeg u: Zij hebben hun loon al ontvangen. Maar als gij vast, zalft dan uw hoofd en wast uw gezicht om niet aan de mensen te laten zien, dat gij vast, maar vast voor uw Vader, die in het verborgene is en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u vergelden.”
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.