Bookmark and Share

achttiende week door het jaar 1, vrijdag

eerste lezing (Deut. 4, 32-40)

Uit het Boek Deuteronomium.
In die dagen sprak Mozes tot het volk: “Ga de oude tijden maar na die u zijn voorafgegaan, vanaf de dag dat God mensen op de aarde schiep, kijk maar van het ene uiteinde van de hemel tot aan het andere: is er ooit zo iets groots gebeurd of is er ooit iets dergelijks gehoord? Heeft een volk ooit een God uit het vuur horen spreken zoals gij, en daarbij het leven behouden? Of heeft ooit een God gepoogd uit een ander volk een volk te komen uitkiezen door beproevingen, door tekenen en wonderen, door oorlogen, met sterke hand en opgestoken arm, door grote, schrikwekkende daden, zoals de Heer uw God die voor uw eigen ogen in Egypte heeft verricht? Gij hebt dat mogen aanschouwen, om tot de erkenning te komen dat de Heer uw God is; er is geen ander dan Hij. Uit de hemel heeft Hij u zijn stem laten horen om u de weg te wijzen, en op aarde heeft Hij u dat grote vuur laten zien, waaruit gij Hem hebt horen spreken. Omdat Hij uw vaderen heeft liefgehad en hun nageslacht heeft uitverkoren, daarom heeft Hij in eigen persoon u met grote macht uit Egypte geleid. Hij heeft volken, groter en machtiger dan gij, voor u verdreven; Hij heeft u naar hun land gebracht en het u in eigendom gegeven, zoals het heden is. Erken dan heden en prent het in uw hart: De Heer is God in de hemel boven en op de aarde beneden; er is geen ander. Onderhoud zijn voorschriften en geboden die ik u heden geef. Dan zult gij met uw kinderen gelukkig zijn en lang leven op de grond die de Heer uw God u voor altijd schenkt.”

tussenzang (Ps. 77/76)

Refrein:
Uw werken, Heer, kan ik niet vergeten.

Uw werken, Heer, kan ik niet vergeten, de wonderen die Gij voorheen hebt verricht. Uw daden komen mij steeds in gedachten, ik denk over al uw bemoeiingen na.

Mijn God, ontzagwekkend zijn al uw wegen, geen god is zo machtig als onze God. Want Gij zijt de God die wonderen doet, die onder de volken uw macht hebt getoond.

Uw arm heeft uw volk de vrijheid gegeven, de zonen van Jakob en Jozef. Zo hebt Gij uw volk geleid als een kudde door Mozes’ en Aärons hand.

vers voor het evangelie (Joh. 15, 15b)

Alleluia. Ik heb u vrienden genoemd, zegt de Heer, want Ik heb u alles meegedeeld wat Ik van de Vader heb gehoord. Alleluia.

evangelie (Mt. 16, 24-28)

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs.
Lof zij U, Christus.

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: “Wie mijn volgeling wil zijn, moet Mij volgen door zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen. Want wie zijn leven wil redden, zal het verliezen. Maar wie zijn leven verliest om Mijnentwil, zal het vinden. Wat voor nut heeft het voor een mens heel de wereld te winnen, als dit ten koste gaat van eigen leven? Of wat zal een mens kunnen geven in ruil voor zijn leven? Want de Mensenzoon zal komen in de heerlijkheid van zijn Vader, vergezeld van zijn engelen, en dan zal Hij ieder vergelden naar zijn daden. Voorwaar, Ik zeg u: Er zijn er onder de hier aanwezigen, die de dood niet zullen ervaren voordat zij de Mensenzoon zullen zien komen in zijn koninklijke macht.”
Zo spreekt de Heer.
Wij danken God.